![]() ![]() ![]() |
|
Berltsumer feilingdei Zaterdag 24 september 2011 van 10.00-15.00 uur Berltsumer Feilingdei De Kommisje Berltsumer Feilingdei brengt met de op handen zijnde Feilingdei een ode aan de befaamde Berlikumer veiling waarmee ons dorp ooit een prominente rol bezette in de wereld van land- en tuinbouw. Het is vooral de bedoeling de beleving van de veiling zoals die in het verleden plaatsvond in het heden terug te brengen. De inbreng van diverse historische elementen moeten een authentieke sfeer creëren. Het evenement zoals dat vanaf 2011 wordt “neergezet”, moet naadloos kunnen overgaan -na de realisering- in het voorgenomen concept van Stichting VoortVarend Berlikum op het oude veilingterrein (plan De Pôlle). De Berltsumer Feilingdei wordt gerealiseerd op en langs de kade van de Tichelersdyk; de plaats waar vroeger de stapelveiling is begonnen. Veilen met de klok Op basis van de hoofddoelstelling zal op deze dag het veilen van land- en tuinbouwproducten via de klok centraal staan. Er is een veilingklok en begeleid door een veilingmeester vindt de verkoop plaats. De producten zullen herkenbaar historisch zijn (uien, wortels, rapen, aardappelen, fruit etc.) Ingepakt in consumentenporties zullen deze via de veilingklok van de hand worden gedaan. De veiling wordt gesitueerd in het oude houtstek van bouwbedrijf Bijland. Het publiek zal steeds groepsgewijs (o.b.v. het beschikbare aantal zitplaatsen) de veiling zelf kunnen beleven. Aan de kade Om de authentieke sfeer goed weer te geven, zullen zoveel mogelijk oude schepen (die een rol hebben gespeeld in de historie van de Berltsumer Feiling) aan de kade aanleggen. Immers, in het verleden werden de veilingproducten over het water aan- en afgevoerd! Denk hierbij aan pramen, snikken, skutsjes etc. Het publiek kan ook nog zelf meevaren in pramen. Deze zullen de bezoekers vervoeren naar een in- en uitstapplek waar het Berltsumer treintje klaar staat om ze naar enkele tuinbouwbedrijven in het tuinbouwgebied te brengen waar het mogelijk is om een “Kijkje in de Kas” te nemen. Zo is de historie met het heden te vergelijken! Op de kade Om de sfeer van vroeger compleet te maken, beeldt toneelvereniging Elts syn Rol uit Berltsum gedurende het evenement bekende types van vroeger uit zoals gerniers (petten), de bankman en handelaren (hoeden). Ook wordt de sfeer verhoogd met passend entertainment. Op de kade (tussen het houtstek en de oude Markthal) maakt oudheidskamer De Grúsert uit Berltsum een beeldverhaal d.m.v. grote foto‟s op canvasdoek over de historie van Berltsum en de veiling. Een uitgebreider tentoonstelling wordt door De Grúsert binnen in de oude Markthal gepresenteerd. Op grote panelen met foto‟s en ander materiaal kan het publiek een beeld krijgen van vroeger. Ook oude landbouwgereedschappen en andere materialen worden daarbij tentoongesteld. Minsken mei in ferhaal Mensen van verschillende pluimage, oude mensen, jonge mensen, velen hebben een verhaal, vanuit verschillende invalshoeken. Als redactie van Op 'e Roaster gaan we op (be)zoek bij (naar) mensen van wie wij denken dat ze een verhaal hebben, dat onze lezers interessant vinden. Heeft u tips voor deze rubriek, dan zijn deze welkom bij de redactieleden. Deze maand het verhaal van Harmen de Vries van Burgum, Berltsumer om utens. Vijftiger jaren door de ogen van Berltsumer om utens Harmen de Vries In de aanloop naar de Feilingdei die voor komend weekend op de Berltsumer agenda staat past dit interview met Harmen de Vries (70) van Burgum. Vanuit eigen beleving beschrijft hij het Berltsum van zijn jeugd vanuit het perspectief van de tuinderij van Braaksma waar hij menig uurtje een zakcentje bijverdiende. Als driejarig jongetje kwam Harmen, zoon van kleermaker Jan de Vries en Aukje Goudberg in Berltsum wonen. Met zijn zus en twee broers groeide hij erop. "Nei de legere skoalle soe ik lyk as de measte oare jonges nei de túnbouskoalle. Master Kramer hie al by ús west. Mar doe't it omtrint safier wie sei ús heit "Do giest nei de MULO". Op dat stuit wie de ynskriuwing al sluten en sa kaam it dat ik doe de achtste klasse noch dien ha." Na de MULO kwamen de avondstudies. Het landleven maakte plaats voor het kantoorleven. Echter, met een nimmer aflatende liefde voor natuur en geschiedenis, onder andere die van zijn eigen dorp. 25 cent per bakje "Ik wie noch mar in jonkje, in jier as 12, 13. Doe begûn ik te beiploatsjen yn 't hôf fan Lolke Braaksma op de Bargekop (waar nu Rinsma Alfa Romeo is). It wie in fleurige tiid. Wy songen in protte meiinoar. Braaksma wiisde ús oan welk beamke at plukt wurde moast. Dat mochtest sels net útsykje. Wy krigen in bakje en dêr diest de beien yn. Tsien pûn sawat. At de bak fol wie krigest in bontsje en dat koest oan "e ein fan de wike ynleverje. Ien bontsje wie miskien 25 sint, dat wit ik net krekt mear." Wat Harmen nog wel goed weet is dat Braaksma met zijn vinger een gat maakte in de bessen om op de bodem te kunnen kijken. Was die nat, dan had je je werk niet goed gedaan, dan waren er bessen stuk gegaan. Een paar jaar later komt een volgende Braaksma in beeld: Ruurd. Hij zat in de aardappelhandel en had een tuinbouwbedrijf aan de toenmalige Mulseleane. Wat daar nu nog herkenbaar aan is, is de woning die zoon Minne Braaksma op de tuin, naast het Poepedykje liet bouwen (tegenwoordig bewoond door Johan van Tuinen). Voor de rest hebben de tuinderijen in de loop der jaren plaatsgemaakt voor woningbouw en scholen. Arbeidsintensief Aan de achterkant werd de tuin begrensd door de Achteropfeart. Deze vaart lag in directe verbinding met de Leeuwarder vaart, waaraan ook de veiling lag en waarlangs de producten per praam werden vervoerd. Harmen: "Ik ha gjin flau idee at it wol út koe. It wie sear arbeidsyntensyf en it smiet lang altyd net wat op. Wy hiene ris in eker mei prachtige sla. Ik moast it omskoffelje fan Jan van Dokkumburg (bedriuwslieder by Braaksma). De kosten om it guod nei de feiling te bringen soene heger wêze as de opbringsten. Fandêr. Mar ik fûn it deaskande. Of jo hiene moaie koalen. Ik wit noch dat wy prachtige blomkoalen op it bûtenlân oan de Koekoeksleane hiene. Dy draaiden troch. Se brochten de garânsjepriis op, mar wy koene se yn de sleat gooie. Letter waarden se dan oergetten mei peteroalje. Dan kaam dizze koal by gjinien mear op tafel." Het illustreert hoe anders in die jaren met het milieu werd omgesprongen. Ook bij de combinatie mens en vergif was er weinig besef van gevaar. Zo herinnert Harmen zich nog goed hoe ze de koolplanten altijd doopten in een emmer met dieldrin, vergif tegen de koolvlieg. "Dat diene wy gewoan en tuskentroch draaiden we wolris even in sjekje. Dat koe doe noch." Dat het een moeilijke en voor velen armoedige tijd was illustreert Harmen met het voorbeeld van zijn maat Bote die bij een andere tuinder werkte en nu nog wel eens zegt dat hij nog altijd moet beuren. "En as skoallejongens fertsjinnen wy echt net in soad." Toekomst was er ook niet in de tuinbouw, tenminste niet als je zelf niet een tuin had. "Hurd wrotte, gjin frije dagen, gjin pensjoenopbou." De opkomende plantsoenendienst in Leeuwarden bood meer perspectief. Velen, ook Harmens broers Jentje en Rintje, vonden daar werk en een betere toekomst. Perspectief bleek er ook niet te zijn voor de tuinbouwschool in Berltsum (waar nu .t Heechhout is). Het laatste jaar van zijn bestaan stond er slechts één leerling ingeschreven. De teelt Op de tuin van Braaksma, waar Harmen elk uurtje van zijn vrije tijd terecht kon en waar hij alle denkbare werkzaamheden deed, werd een keur aan producten verbouwd. In de koude kassen en onder platglas groeiden tomaten, bloemkool, aardbeien, komkommers, meloenen, druiven en witlof. Dan was er een groentetuin voor sla, kool, rode biet, andijvie en aardappelen. Het spitten ging handmatig en de bemesting van de grond werd nog gedaan met mest die werd geproduceerd door de paarden van Loonbedrijf Sjoerdsma. De hoven met fruit en rode bessen bevonden zich achter de woning. Er stonden ook nog oude fruitbomen, sterappels en yellows. Rassen die we tegenwoordig niet meer kennen. Van laagstam fruitbomen had men nog nooit gehoord. Het plukken ging met een ladder, de emmer voor het fruit kon aan de speciale haak aan de ladder hangen. En dan de tomaten. Duizenden heeft Harmen langs zien komen. Verzorgen en plukken. Net als nu trostomaten, maar niet allemaal tegelijk rijp. "Wy plukten gewoan de ripe tomaten fan de tros." Harmen herinnert zich het bevruchten van de tomaten. "Dat diene wy troch te tikjen. Mei twa stokjes rûnen wy dan tusken de rijen troch en dan tikken wy tsjin de touwen oan wêrlâns at de tomaten groeiden. Troch it triljen waard de tomaat dan befruchte. Feestelijke veilingen Vaste prik was de feestelijke veiling van de vroege aardappel, de eersteling, elk jaar op 21 juni, de langste dag van het jaar. Kopers werden dan getrakteerd op een sigaar. Het dollen ging nog handmatig. "Ik wit noch dat ús heit dat die. Wy krûpten der achteroan om te sortearen" vertelt Harmen. Een ander hoogtepunt was de kerstveiling voor fruit. De appels werden dan opgepoetst en prachtig uitgestald. "Under lieding fan master Brandsma giene wy dêr altyd hinne en moasten wy in opstel skriuwe. Wa t it moaiste opstel hie, wûn in kiste appels." Hoewel Harmen goed kon schrijven, gingen deze prijzen aan zijn neus voorbij. "Der wiene altyd guon dy.t it noch better koene." Farmall Praam, paard en wagen en handkar waren de gebruikelijke vervoermiddelen. In het kader van de naoorlogse Marshallhulp voor de wederopbouw van Nederland, kwamen er later lichte trekkers van het merk Farmall. "It wiene mar lichte trekkerkes, mar in hiele foarútgong. Ik wit noch dat Sietse Kees Runia in kear achterút soe. Hy joech in straal gas en yn pleats fan achterút skeat er foarút dwers troch in sket hinne." Herinnering Geslachten gaan, geslachten komen. De Berltsumer veiling is een herinnering, levend in namen van tuinders en gerniers als Braaksma, Born, Osinga, Van Dokkumburg, Lautenbach, Bosma, Tuinenga, Smits, Boomsma, Brouwer, Van Dijk, Van der Meij, Dusselaar, Schiphof, Wassenaar en Runia. Velen van hen sloegen een andere richting in, zo ook Harmen de Vries. En Berltsum heeft zijn veiling dan wel op moeten geven, zijn naam in de tuinbouwwereld heeft Berltsum behouden. Schaalvergroting bracht nieuwe tuinders met nieuwe namen. Voor een opsomming volstaat één hand. De Feilingdei brengt beide werelden samen. RIA (met dank aan de redactie van 'Op 'e Roaster', dorpskrant van Berlikum) Laatst gewijzigd op 26 september 2011 |
|